Waterlooplein

waterloopleinmarkt blijft je verbazen

Waterloopleinmarkt
Woordenlijst

 

 

In de handel worden veel woorden gebruikt die afgeleid zijn van het Joodse taal of Bargoens. Een "joetje" is wel bekend bij de meeste mensen maar wat is een lammetje, heitje, meier of rug. Om hier wat bekendheid aan te geven en om meteen te begrijpen wat de koopman bedoelt met " 7 stuiver" een kleine cursus in de vorm van een woordenlijst.

Osdorp Posse - Origineel Amsterdams..... 

 

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U
V W X Y Z

 

 

A

achterwiel

rijksdaalder

afgebrand

platzak

aggenebbish

armoedig, niks waard

afpeigeren

uitputten

aftaaien

stoppen

afzakkertje

glaasje drinken na afloop

amsterdammertje

paaltje, laatste drank uit de fles

 

 

 

 

B

 

 

 

bamzaaien

gokspelletje

bargoens

dieventaal

barrel

troep,rommel

befgajes

rechter

begaffelen

uitzoeken

beis

Twee,dubbeltje

bekaaid

slecht

bekakt

verwaand

bekatting

afsnauwen

belatafelen

belazerd

benenwagen

lopen

benepakhuis

mager mens

beseibelen

in de maling nemen

besjoemelen

bedriegen

besodemieterd

iemand bedriegen, ellendig voelen

besollemen

betalen

betoft

die is goed af

biets

op andermans zak teren

bikkesement

pakkie brood

blauw

iemand die dronken is

blinde maupie

eerst zien en dan geloven

blits

de toer ergens mee maken

bloedlijer

scheldwoord

bonje

ruzie hebben

brief

geld, gele brief = 25 gulden

bijgoochem

bij de hand persoon

 

 

 

 

C

 

 

 

cent

geen cent te makke = niets hebben

 

 

 

 

D

 

 

 

dallesdekker

armoedig iemand

dokken

tegen je zin betalen

dollen

iemand voor de gek houden

douw

gevangenis straf

drukken

zich uit de voeten maken

drijfsijssie

zwemvogel

 

 

 

 

E

 

 

 

eikel

scheldwoord

emmeren

zeuren

etterlijer

scheldwoord

 

 

 

 

F

 

 

 

fiets

5 gulden = 2 achterwielen

fikken

vingers

fiselefasie

gezicht

flapdrol

scheldwoord

fok

bril

 

 

 

 

G

 

 

 

gabber

vriend

gajes

slecht mens

gallemieze

helemaal blut zijn

gallish

ik word naar van je

gannef

boeffie

gappen

stelen

gebbetje

grapje

gedeist

koest houden

geeltje

25 gulden

geheimschrijver

stiekemerd

gein

pret hebben

gekloft

netjes gekleed

gis

bij de hand

gok

neus

goser

kerel

gotspe

brutaliteit

goudvink

met geluk rijk geworden

graftak

scheldwoord

gribus

engerd

griepen

iemand sarren

groentje

beginneling

groep

krijg de groep = scheldwoord

grijpstuiver

iets bijverdienen

 

 

 

 

H

 

 

 

haarlemmerdijkie

iemand in de maling nemen

habbekrats

kleinigheid

haggelen

minachting

handgeld

iets aanbetalen

handgift

het eerst ontvangen geld

hasses

kop

hassebassie

borreltje

heibel

ergens drukte over maken

heikneuter

stommerd

heitje

kwartje

hengst

een hengst verkopen = klap geven

hens

in de fik staan = brand

hompetent

slecht cafe

hoogwerker

marktkoopman die boven publiek uit werkt

hoterdebotel

knettergek zijn

houtje

katholiek zijn

hozen

handel goedkoop maar agressief verkopen

hufter

scheldwoord

huis

borreltje van de zaak

 

 

 

 

I

 

 

 

iebel

gek ergens van worden

in de roes

iets ongezien kopen

 

 

 

 

J

 

 

 

jajem

jenever

jan met de pet

arbeider

janboerenfluitjes

iets makkelijk doen

jat

hand

jatten

stelen

jatmous

eerste geld wordt op gespuugd

jatschore

gestolen goed

jennen

sarren

jodenlijm

spuug

joetje

10 gulden

jottem

ja

jouker

iets te duur vinden

juut

smeris = agent

 

 

 

 

K

 

 

 

kaaljakker

armoedig mens

kachel

dronken zijn

kakement

gezicht

kanen

smakelijk eten

kanes

hoofd

kappen

ergens mee ophouden

kapsones

hoog in de bol hebben

kassie wijle

dood

kassie zes

dobbelspel

kat geven

iemand voor schut zetten

kat ze kut

voor niets

keiltje

drankje

kelerelijer

scheldwoord

kering hebben

de inkoop eruit hebben

kinnesinne

afgunst

kit

politie

kits

alles in orde

klapper

je slag slaan in de handel

klatsjen

bedriegen

klepzeiker

scheldwoord

kloffie

kleding

klojo

scheldwoord

kluit

veel

knaak

twee gulden vijftig

knobbelen

dobbelspel

knijsen

iets begrijpen

koffer

bed

konkelefoezen

iets bepraten

kosjer

in orde

krententuin

gevangenis (in Hoorn)

kutkammen

zeuren

kwats

onzin

kwatten

spugen

 

 

 

 

L

 

 

 

ladderzat

dronken

lammetje

een gulden vijftig

laplazerus werken

hard werken

lappen

gezamelijk iets betalen

lapswans

scheldwoord

lazer

op z'n lazer krijgen = er van langs krijgen

lazerus

dronken

leut

koffie

lik

gevangenis

link

gevaarlijk

linke loetje

slim iemand

linkmiegel

sluw iemand

loenenaar

verraderlijk iemand, foute handel

lorum

dronken zijn

los zijn

alle handel verkocht hebben

los maken

wie koopt er alles

lou

niet

lou sjoege

geen verstand van hebben

lou loene

niets gedaan

luiken sluiten

slapen

luizebos

scheldwoord

lulletje rozewater

slapjanus

lijp

gek

lijsen

verdienen

lijsing

de opbrengst van de dag

 

 

 

 

M

 

 

 

maf

gek

maffen

slapen

mafketel

gek iemand

majem

regen

makkie

iets wat makkelijk is

makke

ergens last van hebben

maleier

dronken

mansen

geld ophalen op straat (draaiorgel)

matsen

ik zal mijn best voor je doen

matten

vechten

mazzel

geluk

meier

honderd gulden

meieren

zeuren

meker

de hoogste prijs

merode

armoe

mesjogge

knettergek

meuren

slapen

mierenneuker

scheldwoord

mies

verachtelijk

miesgasser

verachtelijk iemand

mik

maag

mikmak

de hele boel

misjpoge

familie

moeren

kapot maken

mokkel

meisje

Mokum

Amsterdam

moppen

geld hoeveelheid

mottig

de gaten vallen erin

mudje

honderd gulden

 

 

 

 

N

 

 

 

naatje met de pet

als het niets is

nassen

lekker eten

nastoot

op het laatst van de dag wat verkopen

nebbisj

niets

neppen

oplichten

niese

meisje

nokken

er mee ophouden

noppes

voor niets

 

 

 

 

O

 

 

 

oetlul

stom iemand

oj

nou en?

oks

horloge

olms

oud

ome jan

bank van lening

ongein

niet leuk zijn

ontiegelijk

enorm

oosterijker hebben

meevallertje hebben

op een dooie staan

niets te doen hebben

oplazeren

weglopen

oprotten

weggaan

opstekertje

buitenkansje

optater

een klap verkopen

over je einde

geweldig goed

 

 

 

 

P

 

 

 

pages

bang

patjepeeer

patser, poenerig iemand

pegel

gulden

peigeren

hard werken

penages

stil

penose

onderwereld

pezen

hard werken om er te komen

pief

man

piegem

onderkruiper

piek

gulden

pieneut

de klos zijn

pieremegoggel

bootje in slechte staat

pierement

draaiorgel

pietermannen

guldens

pikken

stelen

pikketanissie

borel

pingelen

proberen wat van de prijs te krijgen

plat

iemand platmaken = omkopen

platvink

portemonnee

pleite

weggaan

pleuren

ergens mee gooien

pleuris

scheldwoord

poen

geld

poeplap

portemonnee

poet

gestolen goed

pokken

scheldwoord

porum

gezicht

pose

ik heb geen pose = geen geld hebben

potloodventer

exhibitionist

prent

bankbiljet

pruimentijd

tot in de - = tot ziens

puin

is niets waard

 

 

Q

 

 

R

 

 

 

raap

recht in z'n gezicht zeggen

raggel

tegenvaller

ragschore

slecht spul

ranbam

iets toewensen

rams

partij ongeregeld goed

rapalje

uitschot

ratsmodee

naar de bliksem

raudouwer

doordrammer

rausjen

speuren

reuring

gezellig druk

reutel

op de pof kopen

ritselen

iets regelen

roodkopere

voor mekaar

rooie rug

duizend gulden

rotten

scheten laten

rug

duizend gulden

rus

rechercheur

rut

blut

 

 

 

 

S

 

 

 

saffie

sigaret

sam sam

gelijk opdelen

sappel

druk maken

schaften

niets mee te maken

scheet en 3 knikkers

bijna voor niets

schnabbel

iets bijverdienen

schore

goederen

schorem

tuig

schorriemorrie

uitschot

schuier

iemand zakkenrollen (fig)

schuiverd

een val maken

voor schut zetten

voor gek zetten

schijt er aan hebben

er niets om geven

schijtlijster

bangerik

sjlemiel

sul

sjoegge

verstand ervan hebben

slappe was

veel geld hebben

slingeren

iemand oplichten

slobber

koffie

smiezen

in de gaten hebben

smoel

gezicht

smoezen

onderons praten

snaaien

eten, stelen

snees

opkoper gestolen goed

snor

dat zit wel goed

snorder

illegale taxichauffeur

snuffelhandel

gestolen goed

sodemieter

pak slaag

sores

problemen

spatsie

ijswafel

spatsies

geen geintjes graag

spekkoper

geluk met de handel hebben

spie

cent

spijkerbak

oude auto

stennes

drukte maken

stiekum

listig

stratemakertje

horizontaal doorgesneden brood

struinen

zoeken

stuf

drugs

stutten

ervan door gaan = de stutten trekken

 

 

 

 

T

 

 

 

tabak van hebben

geen zin meer in hebben

takke

scheldwoord

tandhakke

zich verbijten

tiet

dat loopt gesmeerd

tillen

iemand oplichten

tinnef

rommel

tof

goed

toges

achterwerk

treiter

hoofd

tremmen

pak slaag geven

tuig van de richel

slecht volk

 

 

 

 

U

 

 

 

uilezeik

slecht biertje

uitgeglejen

te veel gedronken

uitgenast

uitgekookt, slim

uitpieren

per stuk verkopen

uppie

in m'n eentje

 

 

 

 

V

 

 

 

veiling

iemand voor de gek houden

verknipt

gek

verloenen

verraden

vernachelen

in de maling nemen

verpatsen

verkopen

voor schut

voor schut gaan = in de gevangenis

verschutting

te schande zetten

versjteren

het plezier bederven

versliengenen

verraden

vieskadet

smerig iemand

voorwiel

gulden

vracht hebben

dronken zijn

 

 

 

 

W

 

 

 

witje

dubbeltje

 

 

 

 

Z

 

 

 

zak opblazen

je kan me wat

zakkewasser

scheldwoord

zalfie

makkie

zeik nemen

in de maling nemen

zeperd

verlies hebben, pech

zeven stuiver

zogenaamd niets verdiend hebben

zielement

p z'n donder geven

zwemmer

rond de handel lopen en verkopen

zwijntjesjager

fietsendief

zwijnen

mazzel hebben